jaarvergadering4

Aan het slot van de MCA Brabant-jaarvergadering bleek tijdens de paneldiscussie hoe duidelijk de koers is. De drie panelleden waren het volledig eens over de noodzaak van multimodaliteit in het goederenvervoer. Niet alleen in Brabant. In Brabant zit het wel goed. “Multimodaliteit zit in jullie DNA”, aldus Henrik Hololei, de Estlandse directeur-generaal van MOVE, het directoraat voor Mobiliteit en Transport van de Europese Commissie.

Henrik Hololei was te gast bij de jaarvergadering in het Koning Willem II stadion in Tilburg, waar hij een heldere uiteenzetting gaf van het Europese transportbeleid. Maar allereerst sprak hij zijn waardering uit over hoe het transport in Brabant en Nederland is georganiseerd. “Ik kom uit een land dat even groot is als Nederland. Alleen hebben we iets meer dan één miljoen inwoners, waar jullie 17 miljoen mensen herbergen en ook nog plaats hebben voor goederentransport en mobiliteit.”


Multimodaliteit speelt nog steeds een belangrijke rol in het transportbeleid van de EU, vooral in combinatie met digitalisering. “Congestie is een probleem, meer wegen aanleggen is niet de oplossing. Voor nog meer infrastructuur is geen maatschappelijk draagvlak. Beter benutten van de bestaande infrastructuur is beter.”
En dat loopt synchroon met wat MCA Brabant en de provincie Noord-Brabant met elkaar hebben afgesproken als één van de hoofdthema’s in het driejarenplan van MCA Brabant.
“Nog steeds gaat 75 % van de goederen in Europa over de weg”, aldus Hololei. “Dat is niet goed voor de uitstoot van schadelijke stoffen en het veroorzaakt congestie op de wegen. Het wordt tijd dat verladers niet langer standaard voor het wegvervoer kiezen. Congestie kost de EU jaarlijks 100 miljard euro en dan wordt er ook nog gesproken over een groei van het goederenvervoer tot 2050 van 60 %. We moeten heroverwegen hoe we de komende jaren gaan investeren in transport.” De DG van MOVE ziet vooral veel heil in een digitaal, multimodaal platform, want de digitalisering is een onmisbaar onderdeel van een hogere graad van multimodaliteit. Maar hij ziet daarbij ook veel beren op de weg, met name in het bewegen van bedrijven om data met elkaar te delen. “We moedigen dat aan en wat de Europese Commissie betreft is ‘the sky the limit’.” Wat volgens hem nodig is, is een andere ‘mindset’ inzake digitalisering. Te veel bedrijven zouden nog beschikken over software die niet aan kan sluiten bij het beoogde digitale platform.

 

Revolutionair
Een ander obstakel, signaleert Hololei, is de regeldruk op ondernemers. “We willen die last voor de ondernemers verlagen.” In het streven van de EU naar meer efficiency speelt opnieuw digitalisering een hoofdrol. Het voorstel van de Europese Commissie voor elektronische lading- en vervoersinformatie (eFTI) noemt Hololei revolutionair. Het houdt in dat overheden de elektronische documenten die het bedrijfsleven aanlevert, kunnen gebruiken bij bijvoorbeeld vervoer over de grens. “Het bedrijfsleven kan tot 27 miljard aan administratieve kosten besparen – dat is het equivalent van bijna 100 miljoen werkuren.”
Het uiteindelijke streven is een papierloze logistiek.
Voorts gaf de DG aan dat hij verwacht het TEN-T netwerk in de periode 2021 – 2027 te kunnen completeren. “Voorgesteld is een budget van 42,3 miljard euro, waarvan 30 miljard is bestemd voor investeringen in transport als topprioriteit. Tevens hebben we daarbij aangegeven dat er een sterkere en bredere nadruk moet komen op modal shift, digitalisering en het gebruik van alternatieve brandstoffen, en de mogelijkheid is er dat bij de besteding van dat geld wordt gekozen voor het gehele netwerk, inclusief alle havens en terminals.

jaarvergadering3

Directeur-generaal MOVE Henrik Hololei spreekt de zaal toe bij de jaarvergadering van MCA Brabant.

Internationaliseren
Directeur Marc Glaudemans van de Provincie Noord-Brabant – verantwoordelijk voor Economie & Internationalisering, Mobiliteit & Infra – sprak bij de jaarvergadering mede namens gedeputeerde Christophe van der Maas, die zich had afgemeld. Hij legde de nadruk op de internationalisering van het transport. Al bij de opening van de jaarvergadering had directeur Hendrik-Jan van Engelen van MCA Brabant al de zaal aan de hand van kaarten laten zien hoe Brabant is ingeklemd tussen de verschillende vervoerscorridors en derhalve deel uitmaakt van diverse voor Europa essentiële goederenstromen. “Europese samenwerking is daarom zo belangrijk”, vertelde Glaudemans. “Want alleen door een gezamenlijke aanpak kunnen we de infrastructuur beter benutten, komen tot modal shift, minder emissie en kunnen bedrijven beter clusteren. We maken als Brabant deel uit van de globalisering.” Als voorbeeld noemde hij Tilburg als start- en eindpunt van de Nieuwe Zijderoute, de spoorverbinding tussen Europa en China. Er was ook tijdens de paneldiscussie consensus over deze Nieuwe Zijderoute. Immers, die wordt grotendeels gefinancierd en beheerd door China, waarbij behoedzaam moet worden omgegaan met de controle die China zo naar zich toe trekt. Henrik Hololei gaf ook aan dat moet worden gekeken naar de grote economische voordelen van de Nieuwe Zijderoute, maar mogen de nadelen van deze Chinese invloed niet worden onderschat. Ook daar was iedereen het over eens.
Vervoer zal blijven groeien, aldus Marc Glaudemans. “Zeker tot 2040. Dat is goed voor de economie, maar we moeten ook rekening houden met meer files.” Er zou meer over water moeten worden vervoerd, maar ook bij de vaarwegen is er noodzaak om die meer robuust te maken in verband met de fluctuaties in de waterstanden. Ook Marc Glaudemans geeft aan dat marktpartijen moeten werken aan digitalisering, waardoor meer mogelijkheden voor multimodaal vervoer ontstaan. “Ik denk daarbij aan smart logistics, en het delen van data door bedrijven.” Hij noemde herhaaldelijk de ‘triple helix’, de samenwerking tussen overheid, ondernemingen en onderwijs, als de wijze waarop zaken vorm moeten worden gegeven. “Ik kom graag in contact met bedrijven en andere partijen die hieraan mee willen werken. Ik vraag me ook af wat MCA Brabant daarmee gaat doen.”

jaarvergadering1

Marcel van Uden leidde de discussie van het panel. De leden ervan – Henrik Hololei, Marc Glaudemans en Jan-Renier Swinkels – waren het over de meeste onderwerpen roerend eens.

MCA Brabant
De opmerking van Marc Glaudemans was niet aan dovemansoren gericht. Voorzitter Jan-Renier Swinkels van MCA Brabant nam vervolgens het woord en zette in heldere bewoordingen uiteen hoe het driejarenprogramma van MCA Brabant eruit ziet. “We zijn dit jaar al goed gestart door verbindingen te leggen tussen het bedrijfsleven en de overheden, één van de pijlers van de vijf hoofdthema’s.” Hij verwees naar de resultaten die werden behaald, met medewerking van MCA Brabant uiteraard in samenwerking met andere (markt)partijen, zoals de ontheffing voor klasse V-schepen op het Wilhelminakanaal en wellicht binnenkort ook op de Zuid-Willemsvaart. Brabant versterkt zich op vervoersgebied. Zo komt 30 % van het vervoer op de eerder genoemde Nieuwe Zijderoute uit Brabant, wordt Moerdijk een ‘Extended Gate’ van Antwerpen en komt er waarschijnlijk een nieuwe containerterminal in Waalwijk. Tevens noemde Swinkels de West-Brabant-corridor tussen Rotterdam, Moerdijk, Oosterhout en Tilburg. “Mogelijk ook een Oost-Brabant-corridor tussen Rotterdam, Waalwijk, Den Bosch en Veghel. Veel meer is mogelijk met kleinere schepen, maar de kleine schepen-vloot dreigt te verdwijnen. Er is nog genoeg te doen voor MCA Brabant.”
Bij de paneldiscussie later gaf DG Hololei echter aan geen onderscheid te maken tussen grote en kleine schepen. Wel beaamde hij het belang van diversiteit van de vloot. “We hebben een evenwicht nodig om flexibel te kunnen zijn. De scheepvaart heeft nog steeds een enorm potentieel in het goederenvervoer.” Er komt geen speciaal fonds voor kleine schepen. “Het is uiteindelijk de markt die beslist.”
Jan-Renier Swinkels riep ondernemers op om de uitdaging aan te gaan, stappen te maken en de kleine vloot te vernieuwen.
CBRB-voorzitter Paul Goris – lid van de Raad van Advies van MCA Brabant – merkte vanuit de zaal op dat de binnenvaart nog steeds de groenste modaliteit is, maar ook bereid is tot vergroening, mits verladers bereid zijn op basis daarvan lange termijn-contracten af te sluiten. “Alleen als verladers met de overheid en de vervoerders willen samenwerken, kunnen we iets bereiken.”
Kernachtiger had hij de doelstellingen van MCA Brabant niet kunnen verwoorden.

jaarvergadering2

Bestuursleden, directie en leden van de Raad van Advies van MCA Brabant en de sprekers van de jaarvergadering bijeen in stadion Koning Willem II in Tilburg.

Over MCA Brabant

MCA Brabant is het Multimodaal Coördinatie- en Adviescentrum Brabant, een kennis- en netwerkorganisatie voor Brabant. MCA Brabant brengt bedrijfsleven, overheid en kennisinstellingen bij elkaar en adviseert over multimodaal transport. Tevens signaleert MCA Brabant trends en ontwikkelingen op het gebied van multimodaal goederenvervoer, initieert en begeleidt multimodale initiatieven van marktpartijen, en vergaart, ontwikkelt en verspreidt kennis en informatie.